Cultuurverschillen

Vroeger hadden we weinig te maken met cultuurverschillen. De meesten van ons hier in Nederland leefden ons hele leven in hetzelfde dorp, waar we opgroeiden, werkten, ons sociale leven hadden en ook stierven. Het gedeelde referentiekader, een belangrijke voorwaarde voor effectieve communicatie, is zeer groot.

We wisten bijna alles van elkaar, deelden eenzelfde leefomgeving, en hadden vergelijkbare leefomstandigheden. Onze wereld zag er voor de meeste mensen die we kenden precies hetzelfde uit.

Tegenwoordig, sinds de opkomst van de massamedia, verbeterde communicatiemiddelen en transportmogelijkheden, hebben we veel meer en veel sneller contact met mensen die niet uit onze directe omgeving komen. En op dat moment beginnen we met cultuurverschillen te maken te krijgen. Tegenwoordig kunnen we communiceren met iemand die – laten we even bij de metafoor van het dorp blijven – uit een ander dorp komt, dus andere familieleden en vrienden heeft, waarschijnlijk ook andere gewassen verbouwt, met ander geld betaalt en zijn vrije tijd op een andere manier doorbrengt. We komen uit verschillende werelden.

Sommige van de verschillen zijn onmiddellijk zichtbaar en eenvoudig te interpreteren. Op dit niveau kan de interculturele communicatie nog betrekkelijk eenvoudig aangepast worden. Voorbeelden hiervan zijn begroetingen (schudden we handen of omhelzen we elkaar), het omrekenen van valuta, het eten van voedsel dat er anders uitziet.

Daarna wordt het wat ingewikkelder. Veel communicatie is vervat in woorden, gebaren en beelden die een symbolische waarde hebben. Bijvoorbeeld als iemand zien hand opsteekt met zijn vingers krom en zijn duim naar boven, dan betekent dat (normaal gesproken) niet dat iemand zijn duim aan je laat zien. Hij of zij maakt een gebaar met een betekenis.

Nou heeft dat gebaar alleen een betekenis als jij die betekenis óók kent. Cultuurverschillen worden onder andere gekenmerkt doordat groepen mensen bepaalde betekenissen aan woorden, gebaren en beelden geven, die verschillen van de betekenis die andere culturele groepen daaraan gegeven hebben.

“De meeste culturele verschillen zitten veel dieper”

Zij gaan over normen en waarden en grondaannamen (zie ook de pagina ‘wat is cultuur?’). Kort gezegd; Normen zijn de regels voor goed goed gedrag die gelden voor een culturele groep; Waarden zijn de gemeenschappelijke overtuigingen van een groep; en Grondaannames zijn binnen een cultuur algemeen geaccepteerde basisprincipes over goed en kwaad, rationeel en irrationeel, onnatuurlijk versus natuurlijk, abnormaal en normaal, etc.

Wat er –kort gezegd- gebeurt tussen verschillende culturele groepen, is dat iemand uit cultuur A gedrag ziet van iemand uit cultuur B en dat interpreteert op basis van de overtuigingen, regels en basisprincipes van zijn eigen cultuur. Je bent dan dus appels met peren aan het vergelijken, want we hebben net gesteld dat die overtuigingen, regels en basisprincipes juist per cultuur verschillen.

Uit het voorgaande kun je meteen opmaken dat over de meeste van deze ‘regels’ niet gesproken wordt, zeker niet in de dagelijkse omgang met elkaar. Omgaan met cultuurverschillen betekent dus omgaan met verschillen in expliciete maar vooral ook impliciete gedragsregels.

Er is dus kennis van de normen, waarden en grondaannames van de andere cultuur nodig om culturele verschillen correct te kunnen interpreteren. Alleen dan kun je weten wat de ander echt bedoelt.

 

 

 

Gerelateerde diensten